Flip Kip; Het etensbakje van Brutus
EUR 21,90
Formaat: 13,5 x 21,5 cm
Pagina aantal: 68
ISBN: 978-3-7116-0826-0
Publicatie datum: 02.07.2026
Een vrolijke kinderboek over het grappige haantje Flip Kip. Flip moet een probleem oplossen, samen met zijn vrienden op de boerderij. Dit doet hij door middel van vriendschap en humor en vooral doorzettingsvermogen.
Het ongeluk
Het is een mooie dag op de boerderij. De koeien genieten van het lekkere gras, de varkens zijn in de modder aan het spelen en de eendjes spelen vrolijk in de vijver.
’Kijk! Daar is Flip!’ Zoals altijd zit hij op het hek van de kippenren. Daar kijkt hij vaak naar zijn vrienden op de boerderij. Hij vindt het erg fijn om op het hek te zitten. Vooral omdat hij daar heerlijk kan genieten van de rust. Op het hek hoeft hij namelijk niet te luisteren naar het gekakel van de kippen in zijn ren, want wat kunnen die kakelen zeg!
Flip is een echte dagdromer. Dat betekent dat hij soms niet doorheeft wat er om hem heen gebeurt. Hierdoor hoort hij Bully niet aankomen.
Bully is een witte geit met een gele sik. Hij haalt vaak grapjes uit met de andere dieren op de boerderij. Vandaag is Flip aan de beurt.
Flip is nog lekker aan het dagdromen en heeft niet in de gaten dat Bully op hem af komt rennen. Net op het moment dat hij wakker wordt, beukt Bully hem van het hekje af. Flip valt zo met zijn gezicht in het gras.
Het was niet aardig van Bully, maar een haan met gras op zijn kop is best een grappig gezicht en Bully schatert het uit van het lachen.
Flip staat snel op en kijkt om zich heen of niemand het gezien heeft, maar natuurlijk heeft iemand het gezien. Alle kippen in de ren zijn keihard aan het lachen en ook de dieren die er vlakbij stonden, hebben de tranen in hun ogen staan.
Stiekem moet Flip ook wel lachen, maar omdat hij een stoere haan is, pakt hij snel een vleugeltje met modder en rent hij achter Bully aan. ’Kom hier Bully,’ roept hij.
Samen rennen ze de boerderij over. Het ziet eruit als een soort tikkertje, maar het is niet eerlijk. Bully heeft natuurlijk vier poten en rent daardoor harder dan Flip. Flip vindt het dan ook moeilijk om Bully bij te houden, maar hij geeft niet op.
Zijn pootjes rennen zo hard als ze kunnen. Flip gaat steeds sneller.
Het hok van Brutus
Helaas houdt Flip het niet lang vol met zijn korte pootjes en hij wordt al snel moe. Hij is al erg vermoeid als hij langs het hok van Brutus rent.
Brutus is de waakhond op de boerderij en heeft zulke grote tanden dat iedereen bang voor hem is. Ook Flip is bang voor Brutus.
Bij het hok van Brutus ligt een groot bot. De dieren op de boerderij zeggen dat deze van een stier is geweest die onaardig was tegen Brutus. Hier krijgt Flip altijd kippenvel van.
Door zijn vermoeidheid ziet Flip het grote bot te laat en struikelt erover.
Flip struikelt zo hard dat hij over het gras doorglijdt richting het etensbakje van Brutus.
’STOP FLIP,’ roept Bully. Maar het was al te laat. Flip kan niet meer stoppen en botst met volle vaart tegen het etensbakje van Brutus aan.
Zo’n klap had nog nooit iemand op de boerderij gehoord. De echo van de klap galmde over de boerderij en weilanden heen, en zwakte na een lange tijd zachtjes af.
Flip staat snel op en is blij dat hij Brutus nergens ziet. Wel voelt hij iets op zijn kop zitten en hij kijkt geschrokken om zich heen.
Er miste niets in het hok van Brutus, behalve zijn etensbakje. ’Het zal toch niet,’ denkt Flip, en hij voelt angstig met zijn vleugels op zijn kop. Hij voelde in totaal twee keer.
De eerste keer, omdat hij wat kouds voelde en de tweede keer om er zeker van te zijn wat het was. Flip begon nu wel een beetje te zweten! Hij had het etensbakje van Brutus gevonden. Het etensbakje van Brutus zat op zijn kop, en ook nog eens muurvast!!
Wat Flip ook probeerde en hoeveel kracht hij ook gebruikte, hij kreeg het etensbakje niet los.
Wat nu?
Bully vindt het allemaal wel grappig. ’Je lijkt wel een ridder,’ grapt hij.
’Ridder Flip … Ridder Flip, op zijn kop heeft hij een blik,’ zingt Bully lachend.
De mooie dagdroom die op het hek begon, begint voor Flip nu meer een nachtmerrie te worden.
Flip kan nu twee dingen doen. Niets doen en zielig in zijn hok gaan zitten of actie ondernemen en proberen het etensbakje van zijn kop af te krijgen. Want er komt een moment dat Brutus honger krijgt en gaat zoeken naar zijn etensbak.
Flip gaat terug naar zijn hek. Hij noemt dit ook wel zijn “denkhek”, en blijft daar zitten totdat hij een idee krijgt.
Maar elke keer als Flip bijna een idee heeft, ziet hij Brutus in zijn gedachten, schuimbekkend van woede, op hem af rennen. Flip is dan gelijk zijn idee weer vergeten. Arme Flip!
Flip de stuntkip
De gedachten van Flip dwalen nogmaals af, terwijl hij over het weiland staart.
’Ik heb het,’ roept Flip opgewekt.
In het weiland ziet hij Hanna staan. ’Hanna is de oudste koe van de boerderij en als iemand mij kan helpen is zij het,’ denkt Flip.
Om bij het weiland van Hanna te komen, moet Flip nog wel door enkele vervelende struiken. Flip laat zich natuurlijk niet kennen en tijgert als een echte soldaat door de struiken heen naar het weiland.
Hanna staat rustig te grazen met de zon op haar rug en heeft niets in de gaten. Ze is lekker aan het genieten, totdat ze plotseling een zachte, kakelende stem hoort. ’Psssst, Hanna,’ fluistert Flip, ’kom eens hier.’
Hanna ziet Flip in de struiken zitten en loopt sjokkend en half kauwend naar hem toe.
Ze moet erg haar best doen om niet te lachen als ze Flip ziet, met dat gekke ding op zijn kop.
’Wat heb jij nou weer gedaan?’ vraagt ze. Flip vertelt het hele verhaal en vraagt of ze hem wilt helpen.
’Natuurlijk help ik jou. Ik heb al veel meegemaakt op de boerderij, maar jij verrast me toch elke keer weer,’ lacht Hanna, ’Dat was dus die knal die ik net hoorde.’
’Kom achter me staan, dan zal ik proberen met een zachte trap dat lelijke ding van je kop af te krijgen.’
Flip vindt dat wel een beetje eng en twijfelt of hij het wel moet doen, maar hij vertrouwt Hanna. Flip gaat bibberend achter Hanna staan en ziet een poot iets naar voren gaan en dan heel hard naar achteren, richting zijn kop.
De trap gaat toch iets harder dan Hanna dacht, want ze trapt niet alleen het bakje weg, maar ook Flip die nog met zijn kop in het bakje zit. Flip vliegt er vandoor.
’Kijk, daar vliegt Flip de stuntkip,’ galmt het over de boerderij en een groot applaus volgt. Bijna iedereen op de boerderij ziet Flip vliegen en ze kijken met grote ogen naar de lange vlucht van Flip. Tijdens het vliegen kijkt Flip vluchtig om zich heen, maar gelukkig is Brutus nog nergens te zien.
...
Het is een mooie dag op de boerderij. De koeien genieten van het lekkere gras, de varkens zijn in de modder aan het spelen en de eendjes spelen vrolijk in de vijver.
’Kijk! Daar is Flip!’ Zoals altijd zit hij op het hek van de kippenren. Daar kijkt hij vaak naar zijn vrienden op de boerderij. Hij vindt het erg fijn om op het hek te zitten. Vooral omdat hij daar heerlijk kan genieten van de rust. Op het hek hoeft hij namelijk niet te luisteren naar het gekakel van de kippen in zijn ren, want wat kunnen die kakelen zeg!
Flip is een echte dagdromer. Dat betekent dat hij soms niet doorheeft wat er om hem heen gebeurt. Hierdoor hoort hij Bully niet aankomen.
Bully is een witte geit met een gele sik. Hij haalt vaak grapjes uit met de andere dieren op de boerderij. Vandaag is Flip aan de beurt.
Flip is nog lekker aan het dagdromen en heeft niet in de gaten dat Bully op hem af komt rennen. Net op het moment dat hij wakker wordt, beukt Bully hem van het hekje af. Flip valt zo met zijn gezicht in het gras.
Het was niet aardig van Bully, maar een haan met gras op zijn kop is best een grappig gezicht en Bully schatert het uit van het lachen.
Flip staat snel op en kijkt om zich heen of niemand het gezien heeft, maar natuurlijk heeft iemand het gezien. Alle kippen in de ren zijn keihard aan het lachen en ook de dieren die er vlakbij stonden, hebben de tranen in hun ogen staan.
Stiekem moet Flip ook wel lachen, maar omdat hij een stoere haan is, pakt hij snel een vleugeltje met modder en rent hij achter Bully aan. ’Kom hier Bully,’ roept hij.
Samen rennen ze de boerderij over. Het ziet eruit als een soort tikkertje, maar het is niet eerlijk. Bully heeft natuurlijk vier poten en rent daardoor harder dan Flip. Flip vindt het dan ook moeilijk om Bully bij te houden, maar hij geeft niet op.
Zijn pootjes rennen zo hard als ze kunnen. Flip gaat steeds sneller.
Het hok van Brutus
Helaas houdt Flip het niet lang vol met zijn korte pootjes en hij wordt al snel moe. Hij is al erg vermoeid als hij langs het hok van Brutus rent.
Brutus is de waakhond op de boerderij en heeft zulke grote tanden dat iedereen bang voor hem is. Ook Flip is bang voor Brutus.
Bij het hok van Brutus ligt een groot bot. De dieren op de boerderij zeggen dat deze van een stier is geweest die onaardig was tegen Brutus. Hier krijgt Flip altijd kippenvel van.
Door zijn vermoeidheid ziet Flip het grote bot te laat en struikelt erover.
Flip struikelt zo hard dat hij over het gras doorglijdt richting het etensbakje van Brutus.
’STOP FLIP,’ roept Bully. Maar het was al te laat. Flip kan niet meer stoppen en botst met volle vaart tegen het etensbakje van Brutus aan.
Zo’n klap had nog nooit iemand op de boerderij gehoord. De echo van de klap galmde over de boerderij en weilanden heen, en zwakte na een lange tijd zachtjes af.
Flip staat snel op en is blij dat hij Brutus nergens ziet. Wel voelt hij iets op zijn kop zitten en hij kijkt geschrokken om zich heen.
Er miste niets in het hok van Brutus, behalve zijn etensbakje. ’Het zal toch niet,’ denkt Flip, en hij voelt angstig met zijn vleugels op zijn kop. Hij voelde in totaal twee keer.
De eerste keer, omdat hij wat kouds voelde en de tweede keer om er zeker van te zijn wat het was. Flip begon nu wel een beetje te zweten! Hij had het etensbakje van Brutus gevonden. Het etensbakje van Brutus zat op zijn kop, en ook nog eens muurvast!!
Wat Flip ook probeerde en hoeveel kracht hij ook gebruikte, hij kreeg het etensbakje niet los.
Wat nu?
Bully vindt het allemaal wel grappig. ’Je lijkt wel een ridder,’ grapt hij.
’Ridder Flip … Ridder Flip, op zijn kop heeft hij een blik,’ zingt Bully lachend.
De mooie dagdroom die op het hek begon, begint voor Flip nu meer een nachtmerrie te worden.
Flip kan nu twee dingen doen. Niets doen en zielig in zijn hok gaan zitten of actie ondernemen en proberen het etensbakje van zijn kop af te krijgen. Want er komt een moment dat Brutus honger krijgt en gaat zoeken naar zijn etensbak.
Flip gaat terug naar zijn hek. Hij noemt dit ook wel zijn “denkhek”, en blijft daar zitten totdat hij een idee krijgt.
Maar elke keer als Flip bijna een idee heeft, ziet hij Brutus in zijn gedachten, schuimbekkend van woede, op hem af rennen. Flip is dan gelijk zijn idee weer vergeten. Arme Flip!
Flip de stuntkip
De gedachten van Flip dwalen nogmaals af, terwijl hij over het weiland staart.
’Ik heb het,’ roept Flip opgewekt.
In het weiland ziet hij Hanna staan. ’Hanna is de oudste koe van de boerderij en als iemand mij kan helpen is zij het,’ denkt Flip.
Om bij het weiland van Hanna te komen, moet Flip nog wel door enkele vervelende struiken. Flip laat zich natuurlijk niet kennen en tijgert als een echte soldaat door de struiken heen naar het weiland.
Hanna staat rustig te grazen met de zon op haar rug en heeft niets in de gaten. Ze is lekker aan het genieten, totdat ze plotseling een zachte, kakelende stem hoort. ’Psssst, Hanna,’ fluistert Flip, ’kom eens hier.’
Hanna ziet Flip in de struiken zitten en loopt sjokkend en half kauwend naar hem toe.
Ze moet erg haar best doen om niet te lachen als ze Flip ziet, met dat gekke ding op zijn kop.
’Wat heb jij nou weer gedaan?’ vraagt ze. Flip vertelt het hele verhaal en vraagt of ze hem wilt helpen.
’Natuurlijk help ik jou. Ik heb al veel meegemaakt op de boerderij, maar jij verrast me toch elke keer weer,’ lacht Hanna, ’Dat was dus die knal die ik net hoorde.’
’Kom achter me staan, dan zal ik proberen met een zachte trap dat lelijke ding van je kop af te krijgen.’
Flip vindt dat wel een beetje eng en twijfelt of hij het wel moet doen, maar hij vertrouwt Hanna. Flip gaat bibberend achter Hanna staan en ziet een poot iets naar voren gaan en dan heel hard naar achteren, richting zijn kop.
De trap gaat toch iets harder dan Hanna dacht, want ze trapt niet alleen het bakje weg, maar ook Flip die nog met zijn kop in het bakje zit. Flip vliegt er vandoor.
’Kijk, daar vliegt Flip de stuntkip,’ galmt het over de boerderij en een groot applaus volgt. Bijna iedereen op de boerderij ziet Flip vliegen en ze kijken met grote ogen naar de lange vlucht van Flip. Tijdens het vliegen kijkt Flip vluchtig om zich heen, maar gelukkig is Brutus nog nergens te zien.
...

