Eise Eisinga Vertelt

Eise Eisinga Vertelt

Meinte Vierstra


EUR 23,90

Formaat: 18 x 24
Pagina aantal: 96
ISBN: 978-3-99131-230-7
Publicatie datum: 14.11.2022
‘Eise Eisinga Vertelt’ is een autobiografie, non fictie deels fictie, waarin Eise, in woord-en beeldtaal, vertelt hoe hij, vanaf zijn vroegste jeugd, al spelend de basis legt voor de bouw van zijn Planetarium en latere politieke en maatschappelijke activiteiten.
1. BRIEF EISE EISINGA AAN ZIJN ZOON JELTE

Gronau, 29 mei 1788

Lieve Jelte,
Van harte gefeliciteerd met je veertiende verjaardag. Het is een dubbel feest want vandaag precies zeven jaar geleden, heb jij door de slinger voorzichtig aan te tikken het Planetarium in beweging gezet.
“Hij doet het, hij doet het!” riep je toen we het uurwerk hoorden tikken en Mercurius, Venus, Aarde, Mars, Jupiter en Saturnus aan hun eerste omloop om de zon begonnen. Maar jouw enthousiasme was snel bekoeld, omdat er geen enkel teken van leven viel waar te nemen aan het Hemelsplein en je riep: “Het is niet een echt Planetarium want er mist een planeet en buiten staan sterren aan de hemel, waarom zijn er geen sterren aan het Hemelsplein?”
En dat ik zeven jaar over de bouw deed, vond je wel erg lang, “want God schiep hemel en aarde in zeven dágen”.
Maar als er één is die vanaf het prilste begin van de bouw heeft genoten dan ben jij het Jelte. 
Je was nog maar vijf weken, toen ik Mercurius ophing en het glimmende bolletje langzaam heen en weer boven jouw wieg bewoog. Je volgde het planeetje met aandacht en waar we al enkele dagen op hoopten, gebeurde. Jouw oogjes begonnen te stralen en daar was je eerste lach. Het was alsof de zon doorbrak. Een ervaring, met niets te vergelijken. Een moment van puur geluk!
Jij was het ook die mij door moeilijke momenten heen hielp. Zag ik het niet meer zitten, dan liet ik de planeet aan het plafond even draaien en schaterde je het uit. Dat werkte soms zo verfrissend op mijn geest, dat ik daarna toch weer een oplossing vond. Ja, vanaf het prilste begin ben jij mijn grootste supporter Jelte. Je hing altijd aan mijn lippen als ik je onder het Hemelsplein verhalen vertelde.
Verhalen die dankzij jouw vragen en opmerkingen al vertellend ontstonden. Sommige moest ik steeds opnieuw vertellen zoals ‘Ontdekkers die de wereld veranderden’ met Copernicus en Galileï, ‘De appel van Newton’, ‘Dromen met Leonardo da Vinci’ en niet te vergeten ‘De Grot van Plato’.
Ruim dertig van de meer dan honderd verhalen die ik je vertelde staan in dit boek. Verhalen die er zonder jou, nooit waren gekomen. Toen ik in september vorig jaar hals over kop met mijn politieke vrienden moest vluchten voor het Pruisische leger, dacht en hoopte ik binnen een paar dagen terug te zijn. Het zijn opnieuw de verhalen die mij door de moeilijkste momenten heen helpen. Voor mijn politieke verhaal over ‘Een stad van vrede, vrijheid, voorspoed en gezondheid’ was je toen nog te jong. Het is nu mijn nieuwe droom, een bron van inspiratie. ”Laten we voor ogen houden dat we het voor een goede en rechtvaardige zaak doen Eise”, moedigde mijn vriend Gadso Coopmans mij aan.
Daar houd ik mij aan vast Jelte.

Je vader Eise



2. IK SPEELDE WAT MIJN VADER DEED

Mijn vader was wolkammer. In het achterhuis was de wolkammerij. Daar werd de wol eerst gewassen, gekamd en gesponnen tot kamgaren en tenslotte geverfd. De wolkammerij was mijn speelterrein. Ik speelde wat mijn vader deed.
Als kleuter van vier was ik al wolkammer en ik ben het mijn hele leven gebleven.
Naast de wolkammerij had mijn vader een werkplaats waar hij in zijn vrije tijd van alles bouwde.
Wanneer mijn vader van de wolkammerij naar de werkplaats ging, dan ging ik met hem mee.
En met de verandering van zijn werk veranderde ook mijn spel.
Want in de werkplaats wilde ik doen wat hij deed: tekenen, rekenen, meten, schrijven, knippen, zagen, timmeren, verven en nog heel veel meer.
Hij had alle tijd voor mij en veel geduld.
Hij leerde mij met de passer grote en kleine cirkels en hele en halve bogen tekenen. Prachtig vond ik dat. Rekenen deed ik het liefst. Hij bedacht sommen, eerst eenvoudige en later steeds moeilijker. Ik genoot en ik zag dat hij van mij genoot.
Hij heeft eens een boot gebouwd, compleet met twee masten en zeilen en ik bouwde mijn ‘klompboot’ met mast en zeil. Toen de boten klaar waren, hebben we ze door de tuin en over het jaagpad naar de trekvaart getrokken en te water gelaten.



3. ONZE KEUKEN WERD MIJN EERSTE PLANETARIUM

Het eerste ochtendgloren was voor mijn vader het mooiste moment van de dag.
Daarom waren we vaak al voor dag en dauw op pad.
We liepen over het jaagpad in de richting van de molen, waar je een mooi uitzicht hebt op de zon die langzaam boven de horizon komt.
“Is het niet fantastisch?” fluisterde mijn vader, “Je wordt er elke keer weer helemaal stil van.”
Mijn vader genoot en ik genoot met hem van de zon die uitgroeide tot een grote ronde, rode bol.
Ik kan me nog goed herinneren dat ik hem tijdens één van die eerste wandelingen vroeg waar de zon naar toe ging en waar de zon ‘s nachts was en ik weet nog wat hij antwoordde:
”De zon gaat nergens naar toe.
Het lijkt alsof de zon langzaam over de hemel schuift.
Dat hebben de mensen vroeger ook altijd gedacht, maar de zon staat stil en de aarde beweegt.”
‘s Avonds heeft hij het uitgelegd.
Aan de keukentafel draaide hij met zijn zelfgemaakte wereldbol rond de olielamp, terwijl hij tegelijk de aardbol om zijn eigen as liet draaien. 
“Zie je wat er gebeurt? En nu jij.”
Vanaf dat moment had ik er nog een speelplaats bij.
Onze keuken werd mijn eerste Planetarium.



4. ONTDEKKERS VAN DE HEMEL

Een Planetarium met alleen de zon en de aarde vond ik maar niets.
Het werd daarom uitgebreid met de maan en vijf planeten.
Maar het betekende ook dat ik het spel niet alleen kon spelen.
Met de zon had ik geen problemen, want die hing altijd op dezelfde plaats midden in de keuken.
En de aarde kon ik al ronddraaiend wel om de zon bewegen.
Maar met de maan en de planeten erbij kon ik mijn spel niet meer alleen spelen.

Mijn ouders en vriendjes moesten ook meedoen.
Mijn vader leidde Mercurius en Venus in vaste banen om de keukenlamp.
Dan kwam mijn moeder met de aarde en Mars en ik had de buitenste banen met Jupiter en Saturnus.
Samen met mijn ouders hielden wij ons aan de spelregels en volgden de vaste banen.
Maar samen met mijn vriendjes Idsert en Taeke lieten we de hemelbollen de meest spectaculaire banen volgen.
Botsingen kwamen veelvuldig voor, maar we deden ook ontdekkingen.
Zoals toen we de aarde tussen de zon en de maan hielden en een schaduw op de maan viel. 
We riepen mijn vader erbij.
”Gebeurt dat ook in het echt en botsen planeten wel eens op elkaar?” 
“Wat jullie hebben ontdekt, is een maansverduistering. Jullie zijn echte ontdekkers! Nu draai ik de maan tussen de zon en de aarde. Zie je wat er gebeurt?”
“Een zonsverduistering!” riepen we.
“Ja, als de nieuwe maan precies tussen zon en aarde door cirkelt, is er sprake van een zonsverduistering. Het is het allermooiste natuurverschijnsel dat er bestaat. Iedereen zou het tenminste één keer in zijn leven moeten meemaken.” 
“Als het zo mooi is, wil ik het wel vaker zien,” onderbrak ik mijn vader.
“Dat begrijp ik, maar een totale zonsverduistering is een heel zeldzaam gebeuren. In mijn leven is er maar één geweest en dat was op 3 mei 1715, mijn geboortejaar. Ik was toen een baby van vijf maanden en kan mij dus niets herinneren. Pake Eise kan er prachtig over vertellen.”
“Maar als het zolang geleden is, kan er toch wel gauw weer eentje komen,” zei Idsert.
”Nee dat kan niet. We kunnen namelijk precies berekenen wanneer er weer een totale verduistering komt.”
“En wanneer is dat dan?”
“Dat duurt nog verschrikkelijk lang.”
“Hoe lang is verschrikkelijk lang?”
“Bijna 70 jaar, in 1820.”
Ik herinner mij nog dat ik toen snel een rekensommetje maakte en uitrekende dat ik dan 76 jaar zou zijn. “En kun je ook berekenen wanneer de planeten botsen?” wilde Taeke weten.
“Ze kunnen niet botsen, omdat de hemellichamen heel ver uit elkaar staan en in verschillende banen om de zon draaien, kijk maar.”
Mijn vader liet vervolgens de planeten één voor één in hun eigen vaste baan om de zon draaien.
We zagen het met eigen ogen en wisten voor altijd dat hemelbollen niet kunnen botsen.
Dat die ervaring zo belangrijk voor mij zou worden, wist ik toen natuurlijk nog niet.
Mijn vader had ons op een idee gebracht.
We deden een hele reeks proeven naar zonsverduisteringen, maansverduisteringen, schijngestalten van de maan en nog veel meer.



5. HET MOOISTE LICHT DAT IK OOIT VAN MIJN LEVEN HEB GEZIEN

De ontdekking van de zonsverduistering had veel indruk gemaakt en ik wilde de volgende dag direct naar Pake Eise in Oosterlittens.
Met hem maakte ik op de rug van het ruimtepaard Pegasus ruimtereizen naar verre planeten.
Pake wist alles van zon, maan, sterren, planeten en vooral van gevaarlijke kometen.
Ik vertelde hem over het Planetariumspel en onze ontdekkingen vanaf het jaagpad.
“Heit vertelde dat een zonsverduistering het allermooiste natuurverschijnsel is dat je het tenminste één keer in je leven moet hebben gezien en dat U er over kunt vertellen.”
“Het was op 3 mei, een prachtige voorjaarsdag,” begon Pake, “midden op de dag was het alsof het avond werd. Het werd koeler en helemaal donker en de dieren gedroegen zich alsof het nacht werd.
Sterren en planeten verschenen aan de hemel. Het allermooiste was het licht om de maan, ‘een parelsnoer van licht’,” zoals hij het noemde.
“Het mooiste licht dat ik ooit in mijn leven heb gezien, mooier dan de andere zonsverduisteringen.” 
“Maar mijn vader zei, dat een zonsverduistering heel zeldzaam is en dat er in 1820 pas weer een komt”.
“Die van 1715 was een totale verduistering. Daarna zijn er nog drie geweest, maar toen was de zon niet helemaal verduisterd. Het klopt dat er pas in 1820 weer een totale verduistering is, maar die zal ik niet mee maken. Een totale zonsverduistering is een onvergetelijk mooi gezicht Eise. Maar terwijl wij van het schitterende natuurgebeuren genoten, waren er ook mensen die in doodsangst zaten.
Onheilsprofeten hadden namelijk de ondergang van de wereld voorspeld. Schandalig, want sinds mensenheugenis kunnen we een zonsverduistering heel precies voorspellen. Zo heeft de Griekse filosoof Thales van Milete 600 v.Chr. als eerste al een verduistering precies berekend en voorspeld.
Voor angst is geen enkele aanleiding,” stelde Pake mij gerust.



6. EEN VALLENDE STER KAN MEER DAN MIJN VADER

Op warme zomeravonden moet ik vaak terugdenken aan zomeravonden uit mijn jeugd.
Dan zie ik mijn moeder die na het avondeten de keukenstoelen in de tuin zet. Mijn vader met een stapeltje papieren en mijn moeder met een breiwerkje.
Ik mag nog even opblijven omdat het boven veel te warm is om te slapen.
Een merel zingt voor het laatst uit volle borst en vleermuizen maken in de vallende schemering hun vreemde kapriolen.

Zo’n avond was het. Ik denk in september 1749.
De duisternis was snel gevallen. Het was nieuwe maan en boven ons was de hemel bezaaid met miljoenen fonkelende sterren.

Mijn vader stond op en kwam naar mij toe.
“Weet je waar het noorden is, ja? Dan zie je daar zeven heldere sterren.”
“Welke? Er zijn zo veel.” 
Mijn vader strekte zijn arm schuin omhoog en wees ze een voor een aan.
“Ja, ik heb ze!”’ riep ik enthousiast.
”Probeer eens of je er ook iets in kunt zien.”
“Hoe bedoelt U?”
”Als je tussen de zeven sterren lijntjes trekt, zie je een figuur.”
“Ja, het lijkt wel een steelpan.”
“Die zeven sterren vormen samen het sterrenbeeld de Grote Beer. Als je nu van de Grote Beer schuin naar boven gaat, komen we bij de Poolster. De Poolster staat precies in het noorden.
Ga nu van de Poolster iets naar links, dan zie je een groepje van zes, zwakkere sterren. Als je nu tussen de Poolster en die zes sterren ook een lijntje trekt, zie je nog een steelpannetje. Dat omgekeerde steelpannetje is de Kleine Beer. Zie je het Eise?”
Ik knikte, maar zeker wist ik het niet.
Hoe kun je ooit al die sterren uit elkaar houden.
Ze lijken allemaal op elkaar.
“Hebben de sterren ook allemaal een naam?”
Maar hij hoorde mij niet.
Hij was alweer onderweg naar een nieuw sterrenbeeld. 
“Zie je die sterren tussen de Grote Beer en de Kleine Beer? Het is alsof ze er tussendoor kronkelen. 
Dat is het sterrenbeeld de Zwaan.”
Op dat moment schoot een ster langs de hemel, dwars door de Grote Beer en de Kleine Beer
“Kijk een vallende ster, dan mag je een wens doen,” zei mijn moeder. 
“En gebeurt dan ook wat je graag wilt?”
“Je mag best een wens doen Eise, als je maar niet gelooft, dat een vallende ster jouw wensen kan verhoren,” zei mijn vader. 
“Ik wil een broertje, een zusje.”
Mijn vader nam mijn moeder in zijn armen en kuste haar. 
Op 27 februari 1750 werd Feikje geboren. 
“Een vallende ster kan meer dan mijn vader,” dacht ik. 
“Gelukkig maar!”



7. DE STERREN, DE STERREN HOREN ER OOK BIJ

Die avond na het sterrenkijken kon ik niet slapen.
Het voelde zo onrustig in mijn hoofd.
Net alsof mijn hoofd een planetarium was. 
Aarde, maan en planeten bleven maar draaien.
Door het zolderraam zag ik de hemel bezaaid met fonkelende sterren.
Ik schoot overeind.
”De sterren, de sterren,” riep ik.
De zolderdeur ging open.
Daar stond mijn vader. 

“Wat is er Eise?” 
“De sterren, de sterren.” 
“Wat is er met de sterren?”
“De sterren horen er ook bij.”
“Ja, de sterren horen er ook bij,” stelde hij mij gerust.
“Ga maar rustig liggen.”
Hij ging op de rand van het bed zitten en streek met zijn sterke hand door mijn haar.
Ik werd helemaal rustig en viel in een diepe slaap.
De volgende morgen draaiden zon, maan en planeten nog steeds rond de keukenlamp. Maar toen ik door het dakraam van de opgaande zon naar mijn ooievaars keek, werd het helemaal stil in mijn hoofd.
Bij mijn vader in de wolkammerij heb ik toen een blauwe hemel geschilderd vol met gele sterren en tussen de twaalf helderste sterren tekende ik een ooievaar en mijn sterrenbeeld.
Trots toonde ik mijn vader de hemel van mijn Planetarium.
“En welk sterrenbeeld heb je geschilderd? Want ik zie geen steelpan en geen draak.”

“Het is de ooievaar,” zei ik zelf verzekerd.
Hij knikte begrijpend. 
5 Sterren
Eise Eisinga Vertelt - 04.12.2022
Durk Dooper

Prachtig boek! Vandaag heb ik het op Sinterklaas gekregen. Schitterende afbeeldingen naast de verhalen. Een hele sterke combinatie: een en een is veel meer dan twee. 21:56

Misschien vind je dit ook leuk :

Eise Eisinga Vertelt

Christianne Hupkens

Om een kind of Het veilige huis

review:
*verplichte velden