Fictie

De betoverende vrijheidspiegel

Emilio Velazquez

De betoverende vrijheidspiegel

Uittreksel:

Hoofdstuk 1 de magische spiegel

In een mooi herfstjaar in het land genaamd Noordsana leefde een volk dat geregeerd was door een goede, eerlijk gekozen president. Zijn naam was Torbak Harlok en hij leefde in een presidentshuis, samen met zijn familie, zijn vrouw Diana en zijn twee kinderen Anthony en Joyce.
De president en zijn vrouw waren zeer geliefd door het volk en kwamen geregeld op voor de mening van het volk; het volk kwam altijd in de eerste plaats van zijn regeerperiode. Het waren ook mooie jaren, iedereen in zijn kabinet was zeer te spreken over Torbak, alleen de vicepresident, Lord Mordenius, was zeer jaloers en wilde de macht overnemen. Hij plande een aanslag op de president en zijn familie om de macht over te nemen, en het land in een dictatuur te veranderen onder zijn bewind.
In de stad woonden verkoper Alcai met zijn neefje Dylan, elke ochtend gingen ze samen naar de markt om zijn hele handel spiegels te verkopen en dat deden ze dag in dag uit.
Dylan was zeer slim en wist alles over de stad Noordsana; hij wist welke ondergondse tunnels onder de stad liepen en wist waar je goed kon eten en uitgaan, maar zijn handel als verkoper met zijn opa was zijn lievelingsbezigheid. Hij wilde altijd zijn opa tevreden stellen; die was zijn alles. Sinds zijn ouders verongelukten in de zee heeft opa Alcai Dylan opgevoed.
Op een winterse dag in oktober kwam Lord Mordenius in het presidentshuis om over zijn plan met de president te praten. Hij had een idee om met heel het kabinet en hun families een dag van vrijheid te vieren onder het volk, met feesten en speldagen om zo nog meer geliefd te worden door het volk. Hij vond dat hij het pas volgend jaar zou kunnen organiseren met toestemming van het hele kabinet.
President Torbak vond het een geweldig idee en noemde de feestdag ‘dag van het volk’ en wilde het één keer per jaar organiseren. Hij gaf de vice-president opdracht om dit feest te coördineren en te structureren.
De vicepresident Lord Mordenius gaf zijn rechterhand Bor de Verschrikkelijke de opdracht om de aanslag te voorbereiden op de dag van het volk en hij zou zijn gemene plan zo snel mogelijk willen uitvoeren.
Opa Alcai wilde zijn geheim vertellen aan zijn neefje Dylan en vond dat het nu tijd was om het te vertellen. Hij riep Dylan en zei: ‘Ik moet je wat vertellen voordat ik naar de hemel ga of als er iets gaat gebeuren. Dit is een familiegeheim en gaat van generatie na generatie en nu is het tijd om het aan jou te vertellen, Dylan. Wist jij dat je en gave hebt Dylan? Je hebt van de familie een gave geërfd. Wist je dat het litteken aan je hand geen brandwond is maar een sleutel die deuren kan openen naar een andere dimensie? Maar je kan ook door de spiegels heen reizen naar de andere kant van het land, jou litteken is een geheime sleutel, deze gave mag je alleen gebruiken als jouw leven op het spel staat en niemand maar dan ook niemand mag ervan afweten. Beloof je dat?’ Dylan gaf zijn woord aan zijn opa en ging verder met spiegels verkopen.
Diezelfde avond in zijn bed zat Dylan steeds te denken aan de woorden van zijn opa. Hij was zeer ongeduldig en wilde zo snel mogelijk zijn gave uitproberen zonder dat zijn opa het merkte. Hij liep zachtjes naar de garage waar alle spiegels waren opgeborgen en de eerste grote spiegel die hij zag raakte hij met zijn litteken op het glas, maar er gebeurde helemaal niets. Verbaasd keek hij naar zijn litteken en dacht dat zijn opa hem in de maling had genomen, maar toen dacht hij naar de woorden van zijn opa: ‘Deze gave mag je alleen gebruiken als jouw leven op het spel staat, niet wetende dat hij eigenlijk voor heel zijn leven deze gave kan en mag gebruiken’ Verbaasd bleef hij in de spiegel kijken en hij hoorde ineens voetstappen richting de garage. Er kwam iemand aan, maar Dylan wilde niet gepakt worden in de garage en wist zich geen raad waar hij zich kon verstoppen. Per ongeluk raakte hij met zijn hand de linkerbovenkant van de spiegel aan met zijn litteken en hij werd ineens opgezogen door de spiegel. Hij was in de spiegel in een andere dimensie terechtgekomen en kon precies zien wie de garage binnenliep: het was zijn opa die had geluiden gehoord in de garage en wou gaan kijken wie het zou zijn. Dylan kon via de binnenkant van de spiegel alles zien, maar opa zag niemand en liep terug naar zijn woning. Zeer geschrokken en verbaasd ging Dylan in de andere dimensie op onderzoek uit en zag een grijs stenen pad. Hij volgde het pad en elke keer dat hij een spiegel zag, kon hij de dimensiedeur van de spiegel openen met zijn litteken. Hij kwam in allerlei kamers of ruimtes die hij het minst verwachtte, bijvoorbeeld bij een bank of winkel, of een kamer van een woning. Overal waar een spiegel hing, kon hij die openen. Opa had gelijk. Hij ging terug naar zijn woning en ging met een glimlach naar zijn bed. Hij had een grote gave en hij wilde koste wat koste uitzoeken wat zijn gave precies kon doen, maar eerst lekker slapen, morgen gaan we voor de eerste keer op avontuur.
De volgende ochtend zei Dylan tegen zijn opa dat hij zich niet lekker voelde en wilde graag thuis blijven in bed. Opa Alcai vond het goed en vertrok alleen naar de markt om zijn voorraad van spiegels te verkopen, wat hij dagelijks deed.
Toen opa weg was sprong Dylan enthousiast uit bed en rende naar de garage om zijn gave uit te proberen. Hij wilde graag weten wat voor gave hij had als hij in de andere dimensie zou zijn. Aangekomen in de garage bij de eerste spiegel die hij zag, probeerde hij via zijn litteken de andere dimensie te openen. Hij raakte de spiegel maar weer gebeurde er niets, na tien minuten proberen, maakte hij zoveel lawaai dat de buurman polshoogte kwam nemen waar dat lawaai vandaag kwam. Toen Dylan hoorde dat er iemand aankwam kon hij zijn litteken in de spiegel aanraken en ja hoor, hij werd weer ingezogen in de spiegel, nu kon hij uitvinden wat voor gave hij in zich had.
Met zijn gedachten kon hij alles controleren en waarmaken, zo dacht hij terwijl hij door het eerder gevonden pad liep. Ik wil naar de andere kant van de stad komen, dacht hij en ineens stond er een spiegel op zijn pad. Hij hoefde maar door die spiegel heen te lopen en hij zat aan de andere kant van de stad en toen dacht Dylan: het zal toch niet waar zijn dat ik in álle ruimtes of kamers binnen kan komen? Hier moet ik het mijne van weten ( niet geschoten is altijd mis, dacht hij). Hij ging weer de spiegel in en riep terwijl hij liep: ‘Ik wil naar de bank in de stad en ja hoor, weer stond er een spiegel voor zijn neus. Hij liep door de spiegel en hij zat in de bank in de ruimte van de geldkluis. Hij dacht ik moet hier zo snel mogelijk weg voordat ik gepakt wordt, maar het was al te laat want het alarm van de bank was al afgegaan en de beveiliging rende richting de geldkluis. Maar gelukkig kon Dylan snel in de spiegel ontsnappen en kon hij zien dat de beveiliging aan het zoeken was naar de zogenaamde inbrekers. Gelukkig was dit goed uitgekomen, maar het was wel kantje boord, dus volgende keer beter opletten, zei Dylan tegen zichzelf.
Dylan had die dag alle uithoeken van de stad verkend via de andere dimensie in de spiegel en vond het genoeg voor vandaag; hij ging naar huis voordat opa thuis zou komen. Thuis aangekomen vroeg opa hem met een glimlach: ‘Dylan, je ziet er goed uit. Ben je al beter? Heb je nog wat gedaan vandaag? Of lag je heel de tijd in bed?’ Dat zei opa met een grote glimlach in zijn gezicht alsof hij ervan afwist wat Dylan gedaan had. ‘Nee opa, ik lag een paar uur in bed, daarna ben ik buiten wezen lopen, en nu voel ik me zeer goed, opa, maar morgen ga ik met je mee naar de markt om meer spiegel te verkopen.’
Dylan zei tegen opa: ‘Binnenkort is er een groot feest in de stad. Iedereen heeft een bericht gekregen van de president dat ze volgende week de dag van het volk gaan organiseren en iedereen is welkom. Dit zou voor onze zaak heel gunstig uit kunnen pakken om die dag heel veel spiegel te verkopen, dus we gaan aan de slag.

Hoofdstuk 2 Feestdag de dag van het volk

Het is eindelijk zover, de feestdag is aangebroken en alles is tot in de puntjes geregeld: van de beveiliging tot de feestelijke activiteiten. Heel de stad is mooi versierd, straten zijn afgezet en op de markt zijn alle tenten versierd met de kleuren van de nationale vlag. Dat heeft de vicevoorzitter Lord Mordenius goed georganiseerd, maar wat iedereen niet wist is dat hij ook zijn duistere aanslag heeft gepland en dat moet vandaag gebeuren. Samen met zijn rechterhand Bor de Verschrikkelijke heeft hij dit zorgvuldig bereid, hij zou de aanslag plegen precies wanneer de colonne van de president met zijn gezin bij de markt zou arriveren. Dan moet het gebeuren: wanneer de president zich samen met zijn gezin, lopend over de markt, tussen zijn stadsgenoten zou bevinden.
Dylan was al vroeg met zijn opa op de markt aan het werken om zijn tent zo mooi en zichtbaar en herkenbaar mogelijk neer te zetten, maar ook om zijn tent zeer opvallend te maken, want vandaag moet het gebeuren: er komen duizenden mensen de markt binnen maar ook de president met zijn gezin, en hij neemt heel het kabinet mee. Dus als we veel spiegels kunnen verkopen, kunnen wij daar een goede omzet maken.
Terwijl opa aan het werk was, merkte hij dat hij niet al zijn spiegels had meegenomen, hij was de mooiste spiegels vergeten en die zat nog in een wagon in de garage van zijn huis en vroeg met spoed aan Dylan of hij zo snel mogelijk de wagon wilde ophalen voordat het feest zou beginnen, maar Dylan verwachtte dat hij niet op tijd terug kon zijn met de wagon, dus vroeg hij aan opa of hij stiekem zijn gave mocht gebruiken en via de spiegel naar zijn huis te transporteren, dan zou hij zeker op tijd terug komen. Opa stemde ermee in, mits niemand het zou zien, zo gezegd zo gedaan. Dylan keek om zich heen en toen er niemand was, concentreerde hij zich bij een grote spiegel in zijn tent. Met zijn litteken raakte hij de spiegel en ineens werd hij de spiegel ingesleurd en was hij in de andere dimensie. En nu snel naar huis om de wagon op te halen en meteen terug te brengen naar de markt. Terwijl hij via de andere dimensie naar huis liep hoorde hij opeens stemmen en die stemmen kwamen uit een spiegel van de andere kant van de markt. Hij ging richting die spiegel waar de stemmen vandaan kwamen en hoorde duidelijk de vicepresident met zijn rechterhand Bor de Verschrikkelijke over de geplande aanslag praten. Toen Dylan de details hoorde, schrok hij en viel van de schrik tegen de binnenkant van de spiegel. Door de klap keken Mordenius en Bor gelijk richting de spiegel die aan de wand hing. Ze keken elkaar aan en Bor dacht dat hij een schaduw in de spiegel had gezien, samen liepen ze naar de spiegel, maar ze zagen alleen hun gezicht. Maar ze keken wel zorgelijk, en liepen na een korte bezichtiging van de spiegel terug naar de presidentshuis, maar Bor vertrouwde het niet en bleef achter zich kijken naar de spiegel, want hij heeft echt een soort schaduw in de spiegel gezien, en dat zat hem niet lekker.
Dylan rende gelijk naar huis, hij pakte de wagon en ging direct naar zijn opa. Aangekomen bij de markt vertelde Dylan aan zijn opa wat hij gehoord had over de aanslag, en of het handig zou zijn om hier te blijven, maar Opa Alcai vond dat deze dag een belangrijke dag zou zijn om zijn voorraad spiegels te verkopen en dat Dylan maar moest vergeten wat hij gehoord had, want de president krijgt meestal dagelijks bedreigingen en dat er tot nu toe nooit iets is gebeurd, dus vandaag zou er ook niets gebeuren, maar Dylan vertrouwde het niet en was van plan om uit te zoeken hoe de aanslag gepleegd zou worden.
Het was 09.00 in de ochtend en de mensen van de stad en omstreken stroomden allemaal richting de feestmarkt. Het was zeer gezellig en zeer druk; iedereen was in een feeststemming. Behalve Dylan: hij bleef alert naar iedereen staren. Het zat hem niet lekker over de aanslag, maar wanneer zal het gebeuren? Of heeft opa gelijk dat er niets gaat gebeuren. Op dat moment hoorde Dylan zijn naam roepen. Hij keek om en daar waren zijn beste vrienden Gio, Diego . Laar, Ter, Ben en Nayar. ‘Wat doen jullie hier?’ riep Dylan tegen zijn vrienden. ‘Nou, genieten van het feest met de rest van de bende, alleen jij nog.’
‘Ja, ik vind het aardig van jullie dat je aan me denkt, maar ik kan mijn opa niet alleen laten met onze stand.’ Opa hoorde het en zei: ‘Dylan, waarom ga je niet even pauze nemen en lekker met je vrienden genieten van het feest,’ met een knipoog richting Dylan: ‘Ik kan het heus wel alleen aan. Trouwens, jij heb me meer dan genoeg geholpen, als je maar om ongeveer 16,00 weer terug ben om alles op te ruimen.’ Zo gezegd, zo gedaan. Hij gaf opa een kus en ging samen met zijn vrienden genieten van het feest.
Toen ze samen in een cafe wat aan het drinken waren, zei Dylan tegen zijn vrienden: ‘Ik moet echt wat vertellen, maar weet niet of jullie me gaan geloven, ik heb vanochtend iemand gehoord die vandaag in de markt een aanslag wil plegen tegen onze president en zijn gezin. Ik weet alleen niet wanneer en hoe laat.’ De vrienden keken elkaar aan met verbaasde gezichten. Toen vroeg Diego: ‘Waar heb je dit gehoord en wie heb je gezien?’ Dylan zei een paar straten hier vandaan en het waren de vicepresident met zijn rechterhand Bor. Zij waren het die het hebben gezegd. ‘We moeten het voorkomen, doen jullie mee?’ Iedereen keek elkaar aan en uiteindelijk gingen ze ermee akkoord. ‘Maar hoe gaan we dit aan pakken? Dylan vroeg aan iedereen: ‘Kom allemaal om 12.00 naar de garage van mijn huis. Ik heb wat te vertellen. Het is een grote geheim, maar dat kan ik alleen daar doen wanneer niemand het ziet, kom maar op de afgesproken plek.’

Hoofdstuk 3 De bende van zeven

Zaterdag, nog steeds feestdag, het is druk op de markt en iedereen is heerlijk aan het feesten. Voor Opa Alcai is deze dag super belangrijk hij verkoopt de ene spiegel na de andere. De zaken gaan zeer goed; dit wordt een topdag voor ons. Ik hoop dat Dylan met zijn vrienden ontzettend naar zijn zin heeft op het feest, niet wetende dat Dylan een belangrijke vergadering heeft gepland met zijn vrienden in de garage van zijn huis om uit te zoeken wanneer de aanslag zou worden gepleegd en om die te voorkomen.
Het is 12.00 uur. Gio, Diego, Laar, Ben, Nayar, Loren en Ter komen zoals afgesproken bij de garage van Dylan. In de garage begint Dylan zijn plan uit te werken. ‘We gaan allemaal uit elkaar en gaan in de markt kijken en zoeken naar vreemde voorwerpen en figuren. We schrijven alles op en blijven allemaal alert, om 14.00 komen we weer bij elkaar hier terug om te kijken wat we uitgevonden hebben.’
‘Maar wat ga jij doen, Dylan?’ vroeg Nayar. ‘Ik ga buiten de markt langs de andere straten kijken of ik iets ontdek, maar dat doe ik alleen want dan ben ik sneller.’ Hij wilde niet tegen zijn vrienden zeggen dat hij via de spiegel in de andere dimensie ging zoeken. Dat is nog steeds zijn geheim nu; later gaat hij het toch vertellen, maar nu is het te vroeg.
In de markt gaan zijn vrienden verspreid zoeken naar vreemde objecten of figuren. Ze blijven alert totdat ze politie sirenes horen en dat betekent dat er belangrijke personen komen naar het feest. Ze zien een aantal geblindeerde terreinwagens vooroprijden, achtervolgd door de Mercedes van de president. Als de stoet stopt voor de markt komt de lijfwacht van de president aan om iedereen te beschermen, ook de vicevoorzitter Lord Mordenius is erbij. Hij kijkt naar Bor de Verschrikkelijke en geeft via zijn gezichtsuitdrukking een sein om te beginnen met de geplande aanslag
Op de markt komt de president aan met zijn gezin en het kabinet. Hij mengt zich met zijn volk onder grote beveiliging, hij zwaait en geeft de mensen een hand, praat met iedereen en laat zich met iedereen fotograferen. Zijn kinderen Anthony en Joyce doen aan spelletjes mee met het volk, Diana doet ook mee met de opgezette spelletjes. Iedereen geniet van het feest, behalve Lord Mordenius en Bor de verschrikkelijke; die blijven heen en weer kijken alsof ze iemand verwachten.
De president komt ineens langs de stand van Opa Alcai en blijft vol verbazing kijken naar de mooie spiegels van opa, hij riep hem en wilde graag weten wie die mooie spiegels had gemaakt hij was zeer geïnteresseerd in de vakkundige manier van spiegels maken door opa. Hij vroeg ook of hij een grote spiegel wilde maken voor zijn slaapkamer. Hij stemde ermee in dat opa er na het feest mee zou beginnen. Wat opa en de president niet wisten, was dat Dylan in een van de spiegels in de andere dimensie mee aan het kijken was, hij was zo trots op zijn opa dat hij een opdracht kreeg van de president om een spiegel te maken. Terwijl ze dit aan het bespreken waren, zag Dylan de presidentsdochter Joyce en zijn ogen bleven haar aanstaren. Hij voelde een tintelend gevoel door zijn lichaam: dit is het mooiste meisje dat hij ooit had gezien, zij keek steeds naar haar spiegelbeeld, niet wetend dat in de spiegel Dylan aan het mee kijken was. Hij was zo betoverd dat hij was vergeten dat hij op een missie was, samen met zijn vrienden; hij vergat het helemaal. Zijn ogen waren alleen op Joyce gericht waardoor hij Lord Mordenius en Bor de Verschrikkelijke uit het zicht verloor: zijn gedachten waren alleen gericht op Joyce. Toen ze verder doorliepen zag Dylan dat hij ze kwijt was, die twee, waar waren ze ineens gebleven? Hij liep snel door de dimensie alle straten te zoeken, maar kon ze niet vinden. Waar waren ze? Hoe stom kon hij zijn? Ga snel mijn vrienden, zoeken misschien hebben zij die twee in het vizier. Terwijl Dylan aan het zoeken was ,bleef hij denken aan Joyce. Nu weet hij wat liefde is. Zo’n gevoel had hij nog nooit gehad.
Gio, Diego, Ben, Laar, Nayar, Loren en Ter konden de twee slechteriken ook niet vinden. Waar waren ze gebleven? Hier klopt iets niet. Ze waren bij de president en ineens waren ze verdwenen. Nu weten ze zeker dat er iets gaat gebeuren, maar wat of waar is nog een raadsel , Vanaf nu moet iedereen alert zijn.

Formaat: 13,5 X 21,5
Pagina aantal: 92
ISBN: 978-3-99107-313-0
Publicatie datum: 29.07.2021
Gemiddelde klanten gradering: 5
EUR 14,90
EUR 8,99